MOLENBIOTOOP
Geef molens de ruimte
 
 
Molen(s) in Alphen aan den Rijn; ABRvS 25 september 2002

Vindplaats: LJN AE8015

Relevante gegevens:

GS van Zuid-Holland onthouden deels goedkeuring aan het door de gemeenteraad van Alphen aan den Rijn vastgestelde bestemmingsplan ‘Buitengebied’. Zij willen o.a. dat een aanlegvergunningsvereiste in relatie met de molenbiotoop concreter geregeld wordt zodat duidelijk is dat bossen en commerciële boomgaarden niet zijn toegestaan.

Volgens de voorschriften van het bestemmingsplan wordt aan B&W de bevoegdheid gegeven vrijstelling te verlenen van de bepaling inzake het bouwen binnen molenbiotopen, mits de windvang van de desbetreffende molen daardoor niet onevenredig wordt aangetast.

GS menen dat via deze vrijstellingsmogelijkheid het zicht op en de ruimtelijke beleving van de molens in het plangebied onevenredig kunnen worden aangetast, nu een criterium t.b.v. de cultuurhistorische waarde m.b.t. zicht en ruimtelijke beleving ontbreekt.

Oordeel ABRvS:

B&W hebben aangegeven dat bossen en commerciële boomgaarden niet passen binnen de desbetreffende voorschriften. Nu deze echter niet van de mogelijkheid tot verkrijging van een vergunning uitgesloten zijn, kan dit tot onduidelijkheid leiden en is het standpunt van GS niet onredelijk.

In de Nota Planbeoordeling van de provincie Zuid-Holland is als goedkeuringscriterium opgenomen dat voor traditionele windmolens uitgangspunt is dat de vrije windvang én het zicht op de molen voldoende moeten zijn gegarandeerd. Dit beleid acht de Afdeling niet onredelijk. Voorts is het standpunt van GS dat deze garantie in evengenoemd artikellid niet wordt geboden, niet onjuist. Dat, naar B&W stellen, het zicht op en de ruimtelijke beleving nauw samenhangen met de windvang en het hierdoor niet voor de hand ligt dat de eerstgenoemde twee aspecten worden aangetast, wanneer het laatstgenoemde aspect niet onevenredig wordt beperkt, kan hier niet aan afdoen. Er bestaat dan ook geen aanleiding voor het oordeel dat verweerders in dit geval niet aan hun beleid hebben kunnen vasthouden.

Voor zover aangevoerd wordt dat onduidelijk is wat GS willen, nu zij enerzijds aangeven niet tegen de vrijstellingsregeling te zijn, maar anderzijds hieraan wel goedkeuring onthouden, merkt de Afdeling het volgende op. Uit de motivering in het bestreden besluit blijkt dat GS niet in het geheel geen vrijstellingsregeling voor afwijking van de toegestane hoogte voor bouwwerken binnen windvangzones rond molens willen toestaan. Zij hebben echter wel goedkeuring onthouden, omdat de vastgestelde regeling onvoldoende waarborgen biedt.

 

Terug naar vorige pagina