MOLENBIOTOOP
Geef molens de ruimte
 
 

Geschiedenis: van windrecht naar molenbeschermingszone

Van oudsher werden molens gewoonlijk in het vrije veld of aan de rand van dorp of stad gebouwd. Zo waren er geen windbelemmerende elementen aanwezig. Toch is een goede windvang altijd een punt van zorg geweest. Oprukkende bebouwing en opgaande beplanting kunnen een belemmering vormen. De oudst bekende verordeningen die de omgeving van windmolens van hinderlijke beplanting vrijwaren, dateren dan ook al van omstreeks 1600, zoals het Octrooi van de watermolens (1598) van de Staten van Hollandt en Westvrieslandt.

Tot het einde van de 18e eeuw waren landheren eigenaar van de wind. Een vergunning om een molen te laten draaien, het zogeheten windrecht, ging gepaard met de verplichting om jaarlijks windpacht te betalen. Hierbij werd de molenaar recht van vrije wind verzekerd. Voor poldermolens was een goede windtoetreding geregeld in zogenoemde polderkeuren. In 1798 werden de ‘heerlijke rechten’ afgeschaft, en daarmee ook het windrecht. Ter vervanging werden verordeningen of keuren uitgevaardigd die de windtoetreding moesten waarborgen. Tegenwoordig biedt het bestemmingsplan echter de beste mogelijkheden om de molenbiotoop te beschermen.

 

Terug naar vorige pagina